Gezonde tips

MELK, de witte motor?

Van de eiwitbronnen is voor ons Nederlanders melk een bekend product; maar de orthomoleculaire voedingsrichting geeft de voorkeur aan geen koemelk te drinken. Hieronder een paar redenen:
Na het 1-3e levensjaar vermindert het verteringsenzym lactase. Koemelk bevat veel lactose wat moeilijk is te verteren door verminderde aanwezigheid van het enzym lactase. Melk tast het immuunsysteem aan omdat de eiwitten in te grote brokken in de darmen en in de bloedbaan komen met allergie als gevolg.

Melk bevat caseïne, een aminozuur (eiwit) dat moeilijk verteert. De caseïne bevatten antigenen, die zorgen voor  slijmvorming wat ademhalingsproblemen kan veroorzaken. Doordat de caseïne in de darmwand blijft kleven, verhindert melk de opname van mineralen zoals calcium en het remt de opname van vitamine B12. Het remt ook de opname van vitamine D waardoor er een risico op prostaatkanker ontstaat.
De verhouding calcium:magnesium (7:1) is ongunstig voor ons lichaam. Daardoor wordt er magnesium aan het lichaam/de botten onttrokken en onvoldoende calcium opgenomen met osteoporose en allergie als gevolg.

 

SUIKER, krijg je energie van?

Een aantal redenen om de gifstof suiker niet te gebruiken:
Behalve dat een te veel aan suiker omgezet wordt in vet leidt het tot bloedsuikerschommelingen, insuline resistentie tot aan hypoglykemie of suikerziekte.
Suiker zijn lege calorieën. Het onttrekt aan het lichaam zelfs vitaminen en mineralen zoals calcium, magnesium, zink, chroom, vitamine C en vooral de B vitaminen, die juist nodig zijn om energie te produceren.
De weerstand wordt verlaagd, dit gebeurt al vanaf 40 gram suiker per dag, met vergrote kans op ziekten.
Het werkt verslavend, ontstekingsbevorderend, cholesterolverhogend, het bevordert schimmels en zorgt voor veroudering.
De lever moet suiker ontgiften, dat kost energie en er komen vrije radicalen vrij die in het lichaam schade veroorzaken.
Het veroorzaakt gisting in de darmen. De darmflora wordt hierdoor negatief beïnvloed. Kalk voorkomt dat suiker gaat gisten en wordt daardoor onttrokken aan het lichaam met botontkalking als gevolg.
Suiker geeft gedragsveranderingen zoals woede aanvallen, plotselinge driftbuien, onverklaarbare  angstgevoelens, verminderde concentratie, asociaal gedraag, te grote beweeglijkheid, gestoorde motoriek, opgejaagd gevoel, geërgerd gedrag, agressie, energietekort, vermoeidheid en depressies.